Jezus’ definitie van een christen

Daarna zegt hij in vs 16:
Wie geloofd heeft en gedoopt is, zal behouden worden, wie echter niet gelooft, zal veroordeeld worden.
In de grondtekst staat voor behouden: sózó (zie Soteriologie)

En dan vertelt Jezus hoe een gelovige te herkennen is (vs 17 en 18):
Hen nu die geloven, zullen deze tekenen volgen:
in Mijn Naam zullen zij demonen uitdrijven,
in nieuwe talen
(tongen/klantaal) zullen zij spreken,
met hun handen zullen zij slangen opnemen,
en als zij iets dodelijks drinken, zal het hun geenszins schaden;
op zieken zullen zij handen leggen en zij zullen beter worden

Dit zijn allemaal dingen die in het natuurlijk niet mogelijk zijn. Deze dingen doen we bovennatuurlijk. En dat kan alleen maar als je bovennatuurlijk leeft. Dit doen we niet door onze eigen (natuurlijke) kracht maar door de van boven ontvangen kracht. Hij die in ons is, is groter dan Hij die in de wereld is (1 joh 4:4).

Als je nu denkt: “dat kan ik helemaal niet”. Dan klopt dat. En tegelijk klopt dat ook niet. Want Jezus zegt dat we deze dingen doen. Niet dat we ze moeten doen, niet dat we ze proberen of nastreven. Nee, we doen deze dingen. Zoals Jezus niet anders kon dan verkondigen en mensen genezen en bevrijden, zo zijn wij in deze wereld (1 Joh 4:17). In Joh 14:12 zegt Jezus zelfs dat wij grotere dingen zullen doen dan Hij deed.
Dit kan je alleen maar doen als je “in Christus” bent. En als je staat in de autoriteit die hoort bij een zoon/dochter zijn van de Allerhoogste. Zie Rom 8 vers 5, vers 12-17 en vers 29.

Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, het is alles nieuw geworden. (2 Kor. 5:17)
Wat heb je nodig?
Een nieuwe schepping zijn. Opnieuw geboren worden zoals Jezus dat noemt in Joh. 3:3.
Wat moet je daarvoor doen?
Alles overgeven aan Jezus. Met Hem sterven en opstaan in een nieuw leven. Als je daarvoor kiest en je laat dopen (onderdompelen) én gedoopt wordt in de Geest, dan gaan die tekenen je volgen. Natuurlijk moet je wel in beweging komen. Maar dat doe je door een kracht die in je is die groter en overweldigender is dan welke kracht ook in de wereld. De kracht die in Jezus was waarmee Hij opstond uit de dood, die kracht is in ons (Ef. 1:19,20).

Je doet dit niet alleen. En zie, Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding van de wereld. (Mat. 28:20)
Je doet het samen met Jezus. Hij is Heer!